Welkom op de website van SCANDIA.

SCANDIA, Vereniging van Liefhebbers en Fokkers van Scandinavische Spitshondenrassen is opgericht op 1 mei 1950.

Scandia vertegenwoordigt in Nederland veertien door de FCI erkende noordelijke rassen uit Rasgroep V Spitsen en Oertypes:

Sectie 1, sledehonden: Groenlandhond,

 

Sectie 2, noordelijke jachthonden: Finse Spits, Karelische Berenhond, Noorse Elandhond grijs en zwart, Noorse Lundehund, Norrbottenspets, Oost-Siberische Laika, Russisch-Europese Laika, West-Siberische Laika en Jämthund.

 

Sectie 3, veedrijvende en hoedende honden: Noorse Buhund, Zweedse Lappenhond en Laplandse Herdershond 

 

Het type van de Scandinavische en noordelijke spitshond heeft zich ontwikkeld in de arctische gebieden van de wereld. De honden die in deze gebieden leven zijn in de basis van hetzelfde type, hoewel er verschillen zijn in grootte en bouw, afhankelijk van waar ze voor worden gebruikt.

 

Oorspronkelijk werden deze honden gefokt voor drie verschillende doelen: de jacht, het hoeden van het vee en de slee. De honden voor het hoeden van vee zijn de kleinsten. Honden voor de jacht hebben verschillende grootte afhankelijk van het soort wild waarop gejaagd wordt, en de honden voor het trekken van de slee zijn in het algemeen groter.

 

De Noordelijke Spitshonden zijn fysiek buitengewoon goed aangepast aan het noordelijke en barre klimaat. Ze hebben een dubbele vacht, de ondervacht is zacht, dik en waterafstotend. De bovenvacht is langer en stug. Tijdens de winter groeit er bij sommige honden aan de onderpoten en tussen de tenen dik haar wat een soort "slipper" vormt wat ijskloven voorkomt en daardoor maakt dat de honden minder last van ijs en sneeuw hebben. De Noordelijke spitshonden hebben een natuurlijke bouw die niet overdreven is maar flexibel met een natuurlijk gangwerk. Het hoofd is wigvormig, de oren zijn rechtopstaand en hebben een gemiddelde grootte ten opzichte van het hoofd omdat grote oren kwetsbaar zijn voor kou en onnodig warmte verlies geven. De staart is meestal lang en goed behaard en in een krul gedragen. Als de hond zich als een balletje oprolt, heeft hij zijn poten onder zijn lichaam en verstopt hij zijn neus in de zachte haren van zijn staart om warm te blijven. In de zomertijd verliest de Noordelijke spitshond snel zijn wintervacht, soms hebben ze al binnen een paar weken hun kortere en minder dikke zomervacht. Deze zomervacht is vaak een beetje donkerder dan de wintervacht.

 

De verschillende typen van deze spitshonden zijn als aparte rassen geregistreerd bij de FCI in rasgroep 5.