Noorse Buhund

(Norsk Buhund)

Groep 5: Spitsen en Oertypes

FCI: 237

Sectie 3

Land van Herkomst: Noorwegen

Korte geschiedenis: 
De Noorse Buhund - hofhond- stamt uit de prehistorische tijd. Vondsten in Vikinggraven hebben aangetoond dat er toen vaak spitshonden op de boerderijen waren. Deze honden werden gebruikt als waak-en hofhonden en, toe men schapen ging houden, ook als herdershond. De Noorse Buhund behoort tot de scandinavische spitshondenrassen. Het ras komt voornamelijk voor in Noorwegen, maar de belangstelling voor deze hond in de overige Scandinavische landen, maar ook elders, is groot. De Noorse Buhund, strijdbaar en moedig als hij is, wordt nog steeds als hof- en herdershond gebruikt.

Gebruik: 
Manusje-van-alles bij de Noorse boer. Inzetbaar voor opsporen van afgedwaalde schapen, hoeden van grote kuddes en waken rond kudde, boerderij of berghut.

Aard: 
Moedig, energiek, leergierig en vriendelijk. Zeer gericht op zijn gezin, buitengewoon aardig voor kinderen. Blaft graag.

Samenvatting van de rasbeschrijving:
De Noorse Buhund is een typische spits, middelgroot, compact, energiek en alert. 
Hoofd: wigvormig, licht droog, vlakke schedel, duidelijke stop, vrij korte voorsnuit, rechte neusrug, zwarte neusspiegel, droge lippen. Uitgesproken geslachtskenmerken. Ogen: zo donker mogelijk, harmoniërend met de kleur van de vacht.  Oren: spits, stijf rechtopstaand. De vorm en grootte moeten passen bij het hoofd. De lengte van de oren is iets groter dan de breedte ervan aan de basis. Gebit: schaargebit. Hals: relatief kort, droog, goed opgericht. Lichaam: diepe borstkas met goed gewelfde ribben. Stevige, vlakke rug en lendenen. Licht hellende croupe. De lengte van het lichaam is gelijk aan de schofthoogte. Ledematen: normale hoeking van schouder en opperarm, droge, rechte onderarmen, sterke botten. Lichte vering in de voormiddenvoet. Normale hoeking achter, gespierde dijen. Benen evenwijdig aan elkaar. Voeten: ovaal, goed gesloten. Staart: krachtig, hoog aangezet, opgerold over de rug. Vacht: dik, ruw, goed aanliggende dekharen, en dik, zacht onderhaar. Vacht op het hoofd en de voorzijde van de benen vrij kort, langer in de nek, de hals en op de borst. Kleur: bruingeel, lichtgeel tot roodgeel, met of zonder zwarte haarpunten. Zwart masker is toegestaan. Zwart, bij voorkeur uniform. Witte bles, borstvlek, ring om de hals en wit op de voeten zijn toegestaan. Schofthoogte: reu 43-47 cm, teef 41-45 cm. Gewicht reu 14-18 kilo, teef 12-16 kilo.  

Gezondheid:
Het is gewenst fokdieren te laten onderzoeken op HD en erfelijke oogafwijkingen. Bij de Buhund komt Buhund Cataract (pulverulent cataract) voor. De fokker is verplicht alle pups op de leeftijd van 7 weken, dus voordat ze het nest verlaten, te laten onderzoeken op Buhund Cataract (Pulverulent Nuclear Cataract) door een door de Raad daartoe aangewezen dierenarts.

Voor de officiële rasstandaard in het Engels: zie www.fci.be
Noorse Buhund